archiveren

Zuid-Amerika

9045031175.01._SX450_SY635_SCLZZZZZZZ_
Ik mag mij graag verwonderen over wat er zoal groeit en bloeit en dan mag een boek over Alexander von Humboldt, De uitvinder van de natuur, natuurlijk niet in mijn bagage ontbreken. Het is geschreven door historicus Andrea Wulf en is mij opgevallen door een aantal positieve besprekingen.

Nu ben ik Alexander von Humboldt (1769-1859) al tegengekomen in het boek van Hans Mulder, De ontdekking van de natuur, maar hier hebben we niet minder dan de uitvinder van het geheel te pakken dus ik was zeer benieuwd. Om maar met de deur in huis te vallen, het boek is een absolute aanrader.

Het belang van Von Humboldt wordt al snel aangegeven door Wulf. Tijdens zijn expeditie naar Zuid-Amerika viel het hem op tijdens de beklimming van de Chimborazo in de Andes, waarvan men toen dacht dat het de hoogste berg ter wereld was, dat er verschillende vegetatiezones bestonden. Op bepaalde hoogtes kwam hij vegetatie tegen die hem deed denken aan vergelijkbare begroeiing in het Europees gebergte;

Niemand had ooit op deze manier naar planten gekeken. Humboldt nam de vegetatie niet waar volgens de beperkte classificatiecategorieën, maar in relatie tot de groeiplaats en klimaat. Hij beschouwde de natuur als een universele kracht met klimaatzones die zich over alle continenten uitstrekten; een radicale opvatting voor die tijd, maar wel een die nog steeds van invloed is op ons beeld van ecosystemen.

Von Humboldt begint natuurlijk niet als natuurvorser, maar met een gedegen opleiding als mijnbouwinspecteur. Daar doet hij zijn kennis op over geologie en andere natuurwetenschappen. In zijn vrije tijd onderzoekt hij de invloed van het licht op planten en bomen. Hij ontmoet Goethe en die is razend enthousiast over de jonge wetenschapper;

Nog nooit had hij iemand ontmoet die zo veelzijdig was. Humboldt kon de dingen in zijn enthousiasme met zo’n snelheid door elkaar klutsen dat Goethe hem soms nauwelijks kon volgen.

Ze zouden tot Goethes dood contact blijven houden. Met de erfenis van zijn moeder beschikt Von Humboldt over het kapitaal om zijn eerste expeditie naar Zuid-Amerika te financieren. Hij wordt vergezeld door zijn vriend en botanist Aimé Bonpland. Ze schaffen allerlei meetinstrumenten aan en hun tocht begint als ze in Venezuela aankomen.

Dan begint er een onwaarschijnlijke reis die u vooral zelf moet gaan lezen. Ze worden geteisterd door muggen, ziekte, kou en tropische hitte, maar onder alle omstandigheden verzamelen ze data. Overal worden planten en dieren verzameld, temperaturen gemeten, kookpunten gemeten op diverse hoogtes, ze hebben zelfs een instrument om het blauw van de lucht te meten. Er worden talloze aantekeningen gemaakt en het is verbluffend te lezen hoeveel werk er wordt verzet. Tegelijk worden er consequenties doorzien en overdacht;

Humboldt was de eerste die het cruciale belang van bossen voor een ecosysteem en klimaat uiteenzette…Hij sprak ook over de zuurstofproductie van bomen en de invloed daarvan op het klimaat. De effecten van menselijke inmenging waren nu al ‘onvoorzienbaar’, betoogde hij, en zouden catastrofale vormen aannemen als we doorgingen de wereld zo ‘genadeloos’ te verstoren.

De man was zijn tijd ver vooruit. Via Mexico keert hij terug naar Europa waar hij talloze lezingen geeft en al zijn data in verschillende boeken verwerkt. Op latere leeftijd maakt hij nog een reis door Rusland, tot aan de Chinese grens en ook dat staat beschreven in dit boek. Een mooi verhaal is dat hij op basis van zijn kennis weet dat er diamanten in Rusland te vinden moeten zijn en hij krijgt gelijk. Zijn roem stijgt tot grote hoogte en hij wordt één van de beroemdste geleerden uit zijn tijd. Dat blijkt ook uit de talloze vernoemingen naar hem, van pinguïns tot een golfstroom. De Amerikaanse minister van Oorlog, John B. Floyd, stuurde Von Humboldt negen kaarten van Noord-Amerika waarop alle steden, county’s, gebergten en rivieren stonden die naar hem vernoemd waren.

Het boek houdt niet op bij de dood van Von Humboldt, want Wulf beschrijft nog andere natuurvorsers zoals George Perkins Marsh, Ernst Haeckel, John Muir en niet te vergeten Charles Darwin. Von Humboldt had een grote invloed op hen allemaal en Darwin heeft hem ook ontmoet. Grappig om te lezen dat, ondanks Darwin’s torenhoge bewondering voor Von Humboldt, die ontmoeting enigzins tegenviel;

Darwin was diep geschokt door Humboldts gedrag. Hoewel hij enkele keren probeerde ertussen te komen, gaf hij het uiteindelijk op. De oude Humboldt was heel opgewekt en maakte hem een paar ‘geweldige complimenten’, maar hij praatte gewoon te veel.

Het boek leest geweldig door en Wulf beschrijft de reizen en natuurwetenschappelijke materie op heldere wijze. Het is ook prettig dat het geen uitputtende biografie is waarin iedere ontmoeting geduid moet worden, we gaan al snel op reis zeg maar. Interessant zijn wel de ontmoetingen met de groten der aarde zoals de Amerikaanse president Jefferson (in die tijd hing Jeffersons wasvrouw de presidentiële was gewoon te drogen op het rottend hekje rondom het Witte Huis) en zijn vriend de revolutionair Simon Bolívar. De enige omissie wat mij betreft is de reis naar Mexico. Die sluit aan op de expeditie naar Zuid-Amerika maar blijft onbeschreven. Verder is het een mooie opmaat naar wat boeken over Darwin die ik nog heb liggen.

Vertaling; Mariella Duindam en Fennie Steenhuis