archiveren

Middeleeuwen

9085425735.01._SX450_SY635_SCLZZZZZZZ_
Aan de rand van de wereld van historicus Michael Pye heeft als ondertitel Hoe de Noordzee ons vormde. Het is een boek over zo’n 1000 jaar geschiedenis van de landen in het Noordzeegebied, ruwweg in de periode van het jaar 700-1700. Als geïnteresseerde in geschiedenis boeit mij dat, omdat het gaat over de plek waar ik woon en omdat ik de ‘duistere middeleeuwen’ graag wat minder duister laat maken. Pye geeft het al aan;

Als we spreken over de ‘duistere middeleeuwen’ denken we aan oorlogen, invasies, invallen en veroveringen, zelfs aan genocide; maar dat alles hebben we ook nu, in onze eigen tijd, en toch leiden we gewoon ons leven.

Dat gebeurde toen dus ook en Pye beschrijft dat met een veelheid aan thema’s, waarin de handelsroute en commercie de rode draad vormen van het boek. Zo valt hij direct met de deur in huis door aan te geven dat niemand minder dan de Friezen het gebruik van geld geherintroduceerd hebben. Uiteraard was geld al bekend bij de oude Romeinen maar sinds hun vertrek in onbruik geraakt. Ze maakten gebruik van het begrip ‘waarde’ en men begon de wereld in wiskundige termen te bekijken. Iets wat eeuwen later door de wiskundige Simon Stevin veel verder uitgewerkt zou worden.

Pye laat zien dat de beruchte Vikingen niet voor niets berucht waren, maar ook veel meer dan dat. Het waren ontdekkingsreizigers, die hun voetsporen nalieten van Noord-Amerika tot aan Byzantium in het huidige Turkije én tot aan de grenzen van het Chinese rijk. Zij konden als enig zeevarend volk laveren en waren dus niet afhankelijk van een goede windrichting.

Stap voor stap neemt Pye ons mee door de geschiedenis van de landen rondom de Noordzee. Hij laat zien hoe het geschreven woord steeds belangrijker werd. Er kwamen wetten en daarmee vormde zich een beroepsgroep die zich met de uitleg hiervan bezig hield, de advocatuur. Er ontstonden commerciële facties tussen steden die de naties overstegen, zo ontstonden de Hanzesteden.

Ook de strijd met de natuur wordt niet vergeten. De Nederlanden liggen laag en we zien hoe de strijd aangegaan wordt met het water. Molens worden gebruikt om stukken land droog te leggen maar ook voor tal van andere toepassingen. Ook hier wordt weer wetgeving voor opgesteld. De pest doet zijn intrede en dat heeft een enorme impact op de handel en de beschikbaarheid van mankracht. Pye legt het allemaal uit.

Hij baseert zijn verhaal op een groot arsenaal aan geschriften, variërend van de beroemde Engelse historicus Beda (672/673-735) tot aan de Vlaamse wiskundige, natuurkundige en ingenieur Simon Stevin (1548-1620). Deze laatste beijverde zich voor gelijke reken- en maateenheden in Europa en voegde woorden aan onze taal toe als driehoek, evenredig, langwerpig, loodrecht, middelpunt etc.

Ik heb in recensies wel gelezen dat de makke van dit boek de veelheid aan informatie is, het sluit allemaal niet even mooi aan (bron hier). Mij stoorde het niet. Pye’s vertelkunst lost het voor mij op. Ik wil weten waarom er bij een Zweedse boerderij een boeddha is gevonden, ik wil weten waarom de stokvis een pijler van politieke macht is, waarom kloosters experts waren in valsheid in geschrifte en ik houd van deze details die Pye vrijgeeft, als hij het heeft over waar de Friezen zich allemaal hebben gevestigd;

Ze vestigden zich zelfs aan de buitengrenzen van hun handelswereld. Er was een Fries huis in Kaupang aan de monding van de Oslofjord in het zuiden van Noorwegen…De glazen bekers die hier zijn aangetroffen, lijken op die van de Franken en de Friezen, wat wijst op zuidelijke drinkgewoonten, en ze hadden dubbele kledinghaakjes, die nutteloos waren voor de plaatselijke dracht, maar die iedere Friese vrouw nodig had.

Zo staat het boek vol met wetenswaardigheden, in zo’n 380 pagina’s prima behapbaar. Een feest voor iedere geschiedenisliefhebber.

Vertaling; Arthur de Smet, Pon Ruiter en Frits van der Waa

Advertenties

9047502922.01._SX450_SY635_SCLZZZZZZZ_
Toen ik Pilaren van de Aarde van Ken Follett uit had, was duidelijk dat Brug naar de Hemel er direct achter aan gelezen moest worden. Ik zat er lekker in. Waar het eerste boek het wel en wee van het dorp Kingsbridge in de 12e eeuw beschrijft, zitten we in deel 2 in dezelfde plaats, maar dan in de 14e eeuw.

Het boek draait om vier hoofdpersonen. Caris, dochter van een wolhandelaar. Goed in medische zorg en latere priores van de abdij. Merthin, nazaat van Tom Builder, de meesterbouwer uit deel één. Hij heeft het talent van Tom geërfd maar wordt op alle fronten tegengewerkt om zijn vak uit te oefenen. Koestert een hopeloze liefde voor Caris, vertrekt naar Italië en komt uiteindelijk terug. Ralph, de broer van Merthin, is een onbehouwen man en de boeman in het boek. Dat blijkt al snel als hij als kind een pijl door het hondje van Gwenda jaagt. Ralph weet zich tot graaf op te werken en daar hebben veel mensen onder te lijden. Gwenda dan, samen met haar broer Philemon kinderen van straatarme ouders. Gwenda wordt door vader uitgeleverd aan struikrovers maar slaat zich dapper door het leven heen. Ze trouwt uiteindelijk de mooiste vent van het dorp. Broer Philemon is een intrigant en weet het uiteindelijk tot prior te schoppen.

Met deze hoofdfiguren schetst Follett weer een caleidoscopisch beeld van de vroege Middeleeuwen. Ik ben geen geschiedkundige, maar ik heb de indruk dat er grondig onderzoek is verricht. De brug naar de stad speelt een sleutelrol. De oude brug stort in en Merthin heeft plannen om een nieuwe, stenen brug te bouwen. Hij krijgt de kans niet en zijn vroegere leermeester voltooit de brug, maar niet goed. Ik heb aardig wat bijgeleerd over de Middeleeuwse bruggenbouw. De pest speelt ook een hoofdrol. Caris verpleegt tot ze er bij neervalt, maar wordt tegengewerkt door de zogenaamd geleerde artsen. Aderlaten en mestcompressen, zij ziet er niks in. De eerste beginselen van de geneeskunde doen aarzelend hun intrede.

Ook in deel twee spelen grotere belangen altijd een rol op de achtergrond. Ridder Thomas Langley ontsnapt met behulp van de jonge Ralph aan de dood en begraaft een brief die het koninkrijk op zijn grondvesten kan doen schudden. Het gaat om belangen tussen de vorsten van Engeland zelf.

Kortom, ik ben fan. Het is een boek van 1100 pagina’s, het hadden er van mij ook 2000 mogen zijn. Het is hoogstens wat lastig meenemen in de trein. Volgens de laatste berichten is Follett weer aan een opvolger bezig die in 2017 uit moet komen. Het zou weer over Kingsbridge moeten gaan, in de tijd van de Tudor-dynastie. Ik ga hem zeker lezen.

Vertaling: Ans van der Graaff en Jan Smit

9047503287.01._SX450_SY635_SCLZZZZZZZ_

Ik had Pilaren van de Aarde van Ken Follett al eens gelezen in de versie van De Kathedraal. Hetzelfde boek, maar er is nu een vervolg opgekomen, Brug naar de Hemel. Die kende ik niet, dus ik heb het tweeluik aangeschaft en deel één herlezen.

Tot groot genoegen mag ik wel zeggen. Schrijver dezes ligt op dit moment in de lappenmand en dan is een pil van goed 1000 pagina’s geen overbodige luxe. Maar goed, het verhaal. Het is een onvervalste middeleeuwse avonturenroman. Tom Builder, een meesterbouwer, reist rond met zijn berooide gezin in de hoop werk te vinden. Hij heeft één droom, het bouwen van een kathedraal. Uiteindelijk krijgt hij een kans hiervoor bij de priorij van prior Philip van Kingsbridge.

De tegenkrachten zijn echter enorm. Een gewetenloze edelman, William Hamleigh en de abt Waleran hebben heel andere belangen, namelijk hun eigen rijkdom en macht veiligstellen. Dat gaat gepaard met gewetenloze moord, verkrachting en zelfs het platbranden van het dorp Kingsbridge zelf. Er worden concessies gegeven om stenen en hout voor de kathedraal te winnen, maar die worden ook net zo makkelijk weer ongedaan gemaakt, vaak met geweld. Prior Philip moet steeds alle zeilen bij zetten om de droom van die kathedraal in stand te houden. Geloof tegenover geweld.

Alsof de edelman en de abt niet genoeg ellende geven, binnen de priorij loopt ook niet alles even soepel. De zoon en stiefzoon van Tom Builder zijn water en vuur. Aliena, dochter van de graaf van Shiring, is ooit verkracht door William Hamleigh. Zij heeft een eed gezworen aan haar vader dat ze haar broer Richard zou helpen het graafschap op Hamleigh te heroveren. Ze is verliefd op de stiefzoon van Tom Builder, maar die is jong en kan Richard niet voorzien van wapens en paard om ridder te worden. De zoon van Tom, Alfred, kan dat wel en Aliena besluit om met Alfred te trouwen. Dat was een foutje…Kortom, genoeg voer voor intriges en ellende. Voeg daarbij het grotere toneel van koning Stephen die een oorlog voert tegen koningin Maud, met wisselende successen en evenzoveel overlopende edelen, dan heb je een breed middeleeuws toneel waar veel verhalen samenkomen.

Het is een dik boek, maar het leest makkelijk weg. Het zijn vaak korte, duidelijke zinnen. Minpuntje vind ik dat je sommige gebeurtenissen al van mijlenver ziet aankomen. Als prior Philip beschuldigd wordt van schending van het celibaat en nepotisme door het voortrekken van zijn vermeende zoon, weet je al lang wie dat gaat oplossen voor hem. Ik lees ook dat sommigen zich stoorden aan de uitgebreide uitweidingen over de kathedraalbouw. Ik had daar geen last van, het geeft aan dat de auteur zich grondig heeft verdiept in de materie. Voor mij hier geen hogere literatuur, wat geenszins een probleem is. Criterium is of ik mij heb vermaakt en dat was uitermate het geval.

Vertaling: Pieter Verhulst