De negentiende eeuw

9045030136.01._SX450_SY635_SCLZZZZZZZ_
De metamorfose van de wereld van Jürgen Osterhammel draagt de ondertitel Een mondiale geschiedenis van de negentiende eeuw. Het is een dikke pil van ruim 965 pagina’s puur leeswerk, zonder illustraties en in een vrij klein lettertype. U kunt aan de bak.

Een mondiale geschiedenis pretendeert nogal wat en het is een veelomvattend boek en ik vraag mij af hoeveel mensen dit helemaal gaan lezen. Daarbij hink ik een beetje op twee gedachten over de indeling van het boek en de schrijfstijl van de auteur. Om te beginnen de indeling. De negentiende eeuw wordt ingedeeld aan de hand van drie thema’s; Benaderingen, Panorama’s en Thema’s. Hieruit kunt u dus niets opmaken. Het is een bewuste keuze om bijvoorbeeld geen geografische indeling te maken en voor de gekozen indeling is iets te zeggen, maar ik moest af en toe even kijken waar ik ook al weer mee bezig was in het boek. Ik ga de thema’s nog nader toelichten.

Dan de schrijfstijl. Aanvankelijk ging ik snel door het boek heen, waarschijnlijk omdat de gekozen onderwerpen mij aanspraken maar ook omdat het verhaal met redelijk vlotte pen geschreven leek. Daar kwam ik soms een beetje van terug. De auteur grossiert vaak in zinnen als

De negentiende eeuw was een tijdperk van een assymetrische toename van efficiëntie en

Er waren langdurige processen nodig om de ‘geboorte van de moderniteit’ op het niveau van ideeën te vertalen in instellingen en mentaliteiten die in de buurt kwamen van de definities van moderniteit die in de hedendaagse sociale theorie gebruikt worden

Als we dan ook nog de verticale dimensie van de sociale ruimte gaan verkennen begrijpt u, even het koppie erbij houden. Laat ik er dan meteen bij vermelden dat al die termen en zinsneden niet in de lucht blijven hangen en wel degelijk helder verklaard worden, het boek geeft werkelijk een overvloed aan belangwekkende informatie.

Dan de thema’s. Het eerste thema Benaderingen gaat over Geheugen en zelfobservatie. Zichtbaarheid en hoorbaarheid in de kunst bijvoorbeeld, zoals de opera, archieven, bibliotheken en musea. Het gaat over tijd. Wanneer was die negentiende eeuw nu precies? Begint die op 1 januari 1800 en eindigt die op 31 december 1899 of mogen of moeten we hem ruimer nemen of juist korter? Verder gaat het over ruimte. Mentaal gezien bijvoorbeeld. Wat voor de één als Europa wordt gezien lag voor de ander toch wat anders. Geeft u maar aan wat het Midden-Oosten of Verre Ooosten precies is. Nu al lastig, in de negentiende eeuw zeker ook maar het zijn interessante vraagstukken.

Het tweede thema Panorama’s gaat over mobiliteit. Vrijwillig of gedwongen, zoals de emigratie op zoek naar een beter bestaan of slavenhandel en deportaties naar een strafkolonie. Het gaat over de levensstandaard met daarbij gepaard gaande natuurrampen, maar ook over landbouwrevoluties en een globaliserende consumptie. Het gaat over stedenvorming en Frontiers, een begrip waar ik nog nooit zo bij stil had gestaan. De auteur omschrijft dit als;

De opschuivende grens van de ontsluiting van hulpbronnen. Die wordt telkens verlegd naar streken die zelden zo ‘leeg’ zijn als de activisten van de expansie elkaar en anderen aanpraten. Door de ogen van de mensen in wier richting de frontier zich beweegt, lijkt die de voorhoede van een invasie; daarna zal er nog maar weinig zijn zoals het vroeger was.

Duidelijke voorbeelden zijn natuurlijk de ontsluiting van verlaten Amerikaanse gebieden waar de ‘native Americans’ hun gebied aangetast zagen, of de invasie van Australië waar de oorspronkelijke inwoners ook hun leefgebied zagen verdwijnen. Verder gaat het in dit thema nog over Imperiums en natiestaten, Internationale orde, oorlogen, transnationale bewegingen, Revoluties en het begrip De staat. Een voordeel van het loslaten van een geografische indeling van het boek is wel dat de auteur wereldwijd ontwikkelingen en bewegingen tegen elkaar afzet en het daarmee een afwisselend verhaal wordt.

Het derde thema heet, jawel, Thema’s. Achter elkaar worden ontwikkelingen beschreven in Energie en industrie, Arbeid, Netwerken, Hiërarchieën, Kennis, Beschaving en uitsluiting en Religie. Met name het hoofdstuk over netwerken vond ik een eye-opener want het laat zien hoe snel de wereld ‘bereikbaar’ werd door massale bekabeling. Hiërarchieën gaat over de sociale geschiedenis, burgers en quasiburgers. Die laatsten zijn burgers met

Activiteiten, levensstijlen en mentaliteiten, die meer met de handel en niet-canonieke kennis te maken hadden dan met landbouw, het plattelandsleven en de culturele orthodoxie en waarvan de reikwijdte verder ging dan de ‘blik vanuit de kerktoren’

Het wordt u nog uitgebreid toegelicht verder. Beschaving en uitsluiting gaat tenslotte over de emancipatie van slaven en witte suprematie, het weren van vreemdelingen en rassenstrijd en antisemitisme.

Het is een boek met ontzettend veel informatie en het biedt talloze verrassende inzichten. Hoe een treinstation het karakter van een stad kan veranderen bijvoorbeeld, waarbij het station van Amsterdam Centraal als voorbeeld wordt genomen. Daarmee keerde Amsterdam zich van de zee af en veranderde het van een waterstad in een landstad. Een ander inzicht gaat over de aanwezigheid van de armsten onder een bevolking. Eerst waren ze een vanzelfsprekendheid, maar ze werden pas bekend toen het belang van statistiek onderkend werd en er tellingen werden gehouden. Armoede werd gedefinieerd en de armen werden geteld én daarmee zichtbaar. Het zijn maar een paar voorbeelden.

Uiteindelijk is het oordeel natuurlijk positief want het boek biedt een werkelijk fantastisch beeld op een eeuw in al haar facetten. Soms even doorzetten wellicht maar het loont wel degelijk de moeite en voor de liefhebbers is er nog een literatuurlijst van een kleine 100 pagina’s én een uitgebreid notenapparaat.

Vertaling W. Hansen

4 reacties
  1. Hoi Koen, als ik jouw bespreking lees en zeker als ik die citaten lees, dan lijkt mij dit een boek waar ik moeilijk een touw aan vast kan knopen. Ik heb vrij veel boeken over de geschiedenis gelezen, hoewel niet speciaal over de 19e eeuw. Ik denk dat ik toch de voorkeur zal geven aan een gecombineerde geografische en chronologische benadering waarin bijvoorbeeld J.M. Roberts zo goed was. Ik doe het momenteel wat rustiger aan. Ik heb op mijn blog een nieuwe rubriek gestart “Stoppen of doorlezen?” waarbij ik ongeveer 50 bladzijden van een te bespreken boek lees om dan vervolgens te besluiten of ik daarna stop met lezen of verder lees. Tot nu toe vind ik dat een leuk project. Groetjes, Erik

  2. Hi Erik, ik moest er ook even inkomen en soms echt de aandacht vast houden maar het loont wel. Je moet er wel zin in hebben natuurlijk 🙂 Ik heb je nieuwe rubriek gezien maar nog niet echt tijd gehad om het echt goed door te lezen, het is wel leuk!. D.w.z. leuk om te lezen voor mij, ik zou het niet kunnen; er moet echt wat gebeuren wil ik een boek terzijde leggen

  3. Hoi Koen, in de beginperiode van het lezen, las ik ook vrijwel ieder boek uit waar ik aan begonnen was. Ik heb bedacht dat het soms ook leuk is om kennis te nemen van een boek zonder het meteen uit te lezen. Omdat mijn tijd maar beperkt is, kan ik hierdoor meer boeken beoordelen en zullen die boeken die ik wel uitlees mij gemiddeld genomen meer leesplezier opleveren. Groetjes, Erik

  4. Ik snap het wel en mijn tijd is ook behoorlijk beperkt voor wat ik wil maar vooralsnog neem ik kennis van een boek via besprekingen of via de achterflap. Daardoor weet ik vrijwel altijd zeker dat ik de boeken wel uitlees waaraan ik begin

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: