archiveren

Maandelijks archief: augustus 2015

359ab805510e795593059315741437641414141
I
k had in een ver verleden Een boekenkast op reis van Boudewijn Büch al eens gelezen, maar ik kon deze mooie eerste druk bemachtigen voor een vriendenprijs, dus dat was een mooie reden om het boek te herlezen. Met veel plezier, want de 270 pagina’s waren in ‘no time’ verslonden.

Het is een dagboek van het jaar 1998, het jaar waarin hij reist naar De Verenigde Staten, Zuid-Afrika, Oostenrijk, Duitsland, Zwitserland en Italië. Hij verdiept zich dat jaar weer bovenmatig in Goethe vanwege een televisieproject, verdiept zich altijd in Napoleon, de coelacant (de wat?, dit dus), de Boerenoorlog, Amerikaanse presidenten en ga zo maar door. Dat vind ik meteen het fascinerende aan de man. Hij wist en weet mij te enthousiasmeren (ik heb al zijn programma’s op dvd) voor zaken die anders aan mij voorbij gaan. Ik weet niet hoeveel mensen zich specifiek interesseren voor The Jameson Raid (de prelude tot de Tweede Boerenoorlog), maar Büch is er één van. Zulke dingen vind ik dus leuk en dat is waar dit boek over gaat. Een boek dat hij helemaal niet wilde beginnen. Hij schrijft op 1 januari 1998;

Ik hoor het vuurwerk – het is nu een halfuur in het nieuwe jaar – en ik haat het oude jaar en heb direct al een hekel aan het nieuwe…Hoewel ik al meer dan veertig jaar een dagboek schrijf, weet ik dat ik dit jaar voor een boekpublicatie zal pennen. Waarom ik uiteindelijk ja heb gezegd tegen het publiceren van een heel dagboek weet ik niet, maar ik heb er nu in elk geval al spijt van.

De auteur is natuurlijk een bibliomaan en verzamelt en koopt honderden boeken per reis voor astronomische bedragen. Het is een feest om te lezen welke titels hij zoal binnensleept. Een kleine proeve;

  • Bericht über die in höchsten Auftrage Seiner Königlichen Hoheit des Prinzen Carl von Preussen […] bewirkte Untersuchung einiger Theile des Mosquitolandes
  • Leaves from the battle-field of Gettysburg
  • Beyond the lines; or a Yankee prisoner loose in Dixie
  • Die berühmteste Radfahr-patrouille des Weltkrieges
  • Evita Perón e l’oro dei nazisti

Wellicht zijn de drie catalogi van Bubb Kuyper nog ergens te koop, daar staat Büch’s nalatenschap in en daarin zijn al die titels na te lezen. Veel van wat er in het boek staat is te zien in zijn programma’s. Wat daar niet in te zien is, zijn de meer persoonlijke gevoelens van Büch. Zo is hij niet tevreden over zijn team (cameravrouw, geluidsman en producer) in Zuid-Afrika. Hij moppert er vrijuit over en dat doet hij ook over de hotelkamers, het eten en de Nederlanders die hem overal aanspreken. Hij lijdt nogal eens aan zwaarmoedigheid en allerlei lichamelijke kwaaltjes en zo zucht en puft hij zich wel een beetje door het boek heen. Dat vind ik meteen de mindere kant van hem. Hij neemt zichzelf nooit eens bij de lurven om dat zelfopgelegde lijden wat te verlichten. Zo vind ik zijn verliefdheid voor de zesentwintigjarige producer Panda ook wat pathetisch overkomen. Dat gezegd hebbend voert zijn enthousiasme voor wat hem wel boeit gelukkig de boventoon en daarom mag ik zijn boeken graag lezen en blijf ik nog steeds naar zijn programma’s kijken.

Advertenties

1a7a73407865214597057316751437641414141
Op vakantie lees ik in de regel niet te zware ‘kost’, dus daarom had ik de thriller Ritueel van Mo Hayder meegenomen. In de hoofdrol de bekende inspecteur Jack Caffery, nu uitgeweken van Londen naar Bristol. Hij werkt daar samen met de politieduiker Phoebe ‘Flea’ Marley. Deze laatste vindt in het pikzwarte water van de haven een hand. Een dag later wordt een andere hand gevonden, van hetzelfde lichaam. Er zijn aanwijzingen dat het slachtoffer in leven was toen de handen geamputeerd werden.

Dat klinkt niet prettig en dat wordt het ook niet. Het gaat om een schimmige drugswereld waar wanhopige verslaafden aan geld proberen te komen en om gewetenloze handelaren die Afrikaanse rituelen misbruiken om daar grof geld mee te verdienen. De dood van de ouders van ‘Flea” in het peilloos diepe Boesmansgat in Zuid-Afrika speelt een belangrijke rol in het boek en wordt mooi gelinkt aan de wereld van drugs in Bristol en de diepe angst voor de “Tokoloshe”, de Afrikaanse watergeest.

Wat Hayder altijd knap doet is het mixen van de privé-beslommeringen van de hoofdpersonen, in dit geval vooral van ‘Flea’, met de hoofdlijn in het verhaal. Ook hier komt het allemaal weer keurig bij elkaar en wordt je als lezer prettig op het verkeerde been gezet. Of ik heb het gewoon nooit door, dat kan ook.

Hoe dan ook, de grootste verliezer is uiteraard de sukkelaar die zijn handen verliest, ene Mossy. Die heeft het allemaal net iets te laat door en zorgt daarmee voor een vermakelijke pageturner;

‘Verdomme,’ mompelt hij, en hij wordt warm en daarna koud. ‘Godallemachtig. Dus dat hebben jullie met mijn bloed gedaan. Dus dat…O, jezus. Dus dat willen jullie met mijn handen doen?’ Hij duwt Skinny van de bank. Hij trilt over zijn hele lichaam. ‘Het was niet gewoon dat iemand het wilde zien, jullie willen mijn handen verkopen.’…Mossy doet zijn ogen dicht en haalt een paar keer diep adem om zichzelf onder controle te krijgen…Hij dacht dat hij wist hoe slecht mensen kunnen worden. Maar nu ziet hij hoe stom hij is geweest. Nu ziet hij dat er een heel andere wereld bestaat, een wereld waar hij niets van weet, een wereld vol verschrikkingen en wanhoop, duisterder dan hij ooit voor mogelijk had gehouden.

Vertaling; Yolande Ligterink