Gardiner

9023483162.01._SX450_SY635_SCLZZZZZZZ_
Dirigent John Eliot Gardiner heeft met zijn boek Bach, Muziek als een wenk van de hemel een waardevolle aanwinst geschreven voor de toch al niet kleine Bach-literatuur. Dat is maar even gezegd. Het is geen Bach-biografie. Er is sowieso bedroevend weinig feitenmateriaal over Bach, maar wat er is wordt uitstekend beschreven in de werken van Christoph Wolff  of Martin Geck. Dit boek is een persoonlijk relaas van een uitvoerend musicus, die Bach’s cantates in het jaar 2000 op dezelfde dagen heeft uitgevoerd als Bach vroeger, in het project The Bach Cantata Pilgrimage. Het gaat ook bijna uitsluitend over de vocale werken van Bach, maar dat mag. Gardiner heeft recht van spreken.

Wat wil Gardiner met dit boek? Hij wil meer van de mens Bach laten zien door zijn muziek. Gardiner vertelt:

We zien hem maar al te vaak als een bepruikte, pafferige, oude Duitse Kapellmeister en plakken dat etiket daarom ook op zijn muziek, in weerwil van de jeugdige uitbundigheid en de ongekende vitaliteit die die muziek zo vaak uitstraalt. Als we Bach nu eens heel anders zien, als een onwaarschijnlijke rebel: ‘iemand die in brede kring aangehangen principes en rigide aannames [over muziek] onderuit heeft gehaald’.

Dat probeert Gardiner dan ook en hij slaagt daar wat mij betreft prima in. Hij schetst de maatschappij waarin Bach opgroeit. Hij belicht uitgebreid de generatiegenoten van Bach, zoals Händel, Rameau, Mattheson en Scarlatti. Hij heeft het over de uiterst muzikale familie Bach, zijn ouders die jong stierven, de oom waar hij zoveel van geleerd heeft. Maar het gaat vooral over de mens Bach. Die was niet altijd even makkelijk. Niet voor zijn omgeving, maar ook niet voor zichzelf. Het beroemde incident met de fagottist heb ik nooit zo leuk zien beschreven;

Zijn onervaren fagottist, drie jaar ouder dan hij, was Johann Heinrich Geyersbach. Bij de repetitie verprutste hij het kennelijk. Bach reageerde geïrriteerd…betitelde hij Geyersbach als ‘Zippel Fagottist’. Ook in recente biografieën wordt dat nog eufemistisch vertaald als ‘beginneling’, ‘schavuit’ of ‘rund’, terwijl de letterlijke vertaling toch heel anders is: Bach noemde Geyersbach gewoon een lul.

Met dank aan de Nederlandse vertalers, want die moeten dat wel laten staan natuurlijk. Maar hier gaat het om. Bach als mens achter de muziek. Prachtige muziek hoeft niet altijd door een prachtig mens opgeschreven te worden, Wagner weet er alles van. Gardiner interpreteert en vermoedt er ook op los, maar ik vind dat prima. Hij geeft dat zelf ook aan in het begin van zijn boek. Soms laat hij zich zelfs even gaan, want hij wil zo graag weten hoe het publiek reageerde op al die prachtige muziek:

Ik ben er evenwel van overtuigd dat de scherpzinnige detectives in het Bach-Archiv in Leipzig in de loop van de komende jaren de hand zullen weten te leggen op geschriften…die de directe getuigenissen bevatten waarnaar we al die tijd op zoek zijn geweest. Bachs muziek kan mensen eenvoudigweg niet onberoerd hebben gelaten: verrukking, verbazing, verbijstering, ja zelfs afkeer – alles is mogelijk, maar niet dat ze haar gewoonweg van zich af hebben laten glijden.

Hier spreekt een bevlogen mens. Gardiner geeft van veel cantates en de grote passies een uitgebreide beschrijving die soms best diep gaat. Musicologische termen worden echter keurig achterin verklaard en ik heb enorm veel bijgeleerd. Cantate BWV 106 “Gottes Zeit ist die allerbeste Zeit” ofwel de “Actus Tragicus” heb ik talloze malen gehoord, maar die rust die Bach laat vallen, een actieve, mystieke stilte, blijkt het exacte midden van het stuk te zijn. Gardiner laat mij er even bij stil staan, prachtig. Voor de liefhebbers, op 11;15 in onderstaand fragment.

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Er staat een mooi overgeleverd fragment in hoe Bach zich gedraagt tijdens het dirigeren van een stuk. De man hoort echt alles. Het moordende tempo waarin Bach zijn cantates componeert, iedere week weer één. Er staat een handige Chronologie achter in het boek, wat gebeurde er op welk moment in Bach’s leven. Maar het belangrijkste is voor mij het unieke fenomeen Bach, die zichzelf een gigantische arbeid oplegt door iedere week een cantate op te leveren, waarvan alle partijen gekopieerd moeten worden, die gerepeteerd moet worden met vaak muzikanten die niet aan zijn standaard voldoen. Hij krijgt geen grote roem zoals Händel in Londen met zijn opera’s en oratorio, heeft geen topsalaris, maar gaat voor de mooiste muziek die hij kan maken. Hij schrijft een paar schitterende passies, waartoe hij contractueel niet verplicht was. Die behoren tot het beste dat hij geschreven heeft, naast de briljante Mis in h-moll, die hij zelf waarschijnlijk nooit heeft gehoord. Daarnaast is zijn orgelwerk het summum voor de orgelspeler, zijn cello-sonates voor de cellisten, zijn vioolsonates voor de violisten en hij heeft nog wat voor het klavier geschreven ook. Afijn, genoeg lofzang. Ik ben blij met het boek en zal het vaak uit de kast halen om het naast de Cantate-uitvoeringen van Gardiner te leggen.

Vertaling: Frits van der Waa en Pon Ruiter

Advertenties
6 reacties
  1. Hoi Koen, ik ben fan van de muziek van Bach en toevallig ook van de uitvoeringen van Gardiner. Ik ben in het bezit van een box van Archiv met daarin 12 cd’s van de cantates uitgevoerd door het Monteverdi Koor en de Engelse Barok Solisten onder leiding van Gardiner. Van dezelfde uitvoerders heb ik ook 3 prachtige (twee dubbel-) cd’s met daarop de Schöpfungsnesse, Harmoniemesse, Nelsonmesse, Theresienmesse, Heiligmesse en Paukenmesse. Mocht je die nog niet hebben ook meer dan de moeite waard. Boeiend dat zo’n vooraanstaande dirigent een boek over Bach heeft geschreven. IK denk zelf dat ik niet zo gauw een boek over alleen de muziek en persoon van Bach zal lezen, maar mocht ik dat toch nog ooit gaan doen dan weet ik war ik moet wezen. Groetjes, Erik

  2. Hallo Erik, ik heb zojuist de Cantate box van Gardiner aangeschaft, 56 cd’s, dus ik kan weer even vooruit 🙂 De missen van Haydn door Gardiner heb ik ook, dat zijn ook mooie uitvoeringen inderdaad. Ik heb zelf zoveel met Bach dat ik een dergelijk boek niet kan laten liggen

  3. Hoi Koen, dat is een prijzige set geweest. De portretfoto’s op de cdhoesjes zijn ook prachtig, die zijn van Steve McCurry, mijn favoriete fotograaf. Groetjes, Erik

  4. Mooi! ik heb dit boek sinds een jaar in huis (d.w.z. op de e-reader), omdat het geschreven is door een bevlogen dirigent die door mij zeer bewonderd wordt (heb hem ook wel eens in het Concertgebouw meegemaakt). Door jouw bespreking is het weer een eindje gestegen op de nog-te-lezen berg, waar het tot nu toe niet zo’n hele hoge positie inname vanwege de omvang. Het is wel een erg dikke pil.
    Lachen, die anekdote over de ‘Zippel’. Ik heb even opgezocht wat er in het Engelse origineel staat. Dat is “Bach had called Geyersbach ‘a prick of a bassoonist’”>/i>, wat letterlijk inderdaad hetzelfde betekent als ‘lul’ maar niet zo lekker plat klinkt.

  5. Het is inderdaad wat leeswerk maar ik ben er even voor gaan zitten en heb het voor mijn doen toch redelijk snel uitgelezen. Je kan er ook voor kiezen om de musicologische besprekingen van de Cantates en de Passies pas bij de hand te nemen als je een keer zo’n werk opzet natuurlijk, dat scheelt weer 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: