Paupers

aa79a1a9122eaf7597769515851444341587343

Het Pauperparadijs van Suzanna Jansen is een familiegeschiedenis van de auteur zelf. Nu moet niet iedere auteur zijn eigen familiehistorie gaan opschrijven, er moet wel wat te vertellen zijn. In dit geval is dat zo. De voorouders van Jansen blijken deel uitgemaakt te hebben van de heropvoedingsexperimenten in het Drentse Veenhuizen. Een oord waar landlopers en bedelaars met militaire orde en tucht in het gareel werden gebracht. 

Hoe komt een voorouder daar terecht? Tobias Braxhoofden kwam er in de 18e eeuw niet als landloper terecht, maar als toezichthouder. Invalide geraakt in de oorlog, moest hij een baan hebben en het verre Drente bood hem die mogelijkheid. De Gestichten herbergden niet alleen landlopers. Ook mensen die niet meer rond konden komen konden er terecht. De oprichter, Johannes van den Bosch, een generaal-majoor, had de kolonie gesticht naar eigen ideeën en idealen. Nobel, wellicht, maar de werkelijkheid zag er toch wat anders uit, getuige dit verslag:

Met pijn in het hart zag hij hoe er werd omgegaan met gezinnen die hun toevlucht tot de kolonie hadden genomen. Om ervoor te zorgen dat de kinderen een zedelijke opvoeding kregen, werden hele families meedogenloos uit elkaar getrokken. De mannen en vrouwen elk aan een kant van het gesticht, op de binnenplaats van elkaar gescheiden door een houten pallisade; de kinderen op de kinderzaal.

Vroeger was niet alles beter. De schrijfster gaat er ook naar toe, om te kijken waar haar voorouders verbleven. De sfeerbeschrijvingen in het boek zijn prachtig en er wordt verteld hoe moeilijk het was om te overleven. Om weg te komen uit de kolonie en hoe lastig het is om ‘buiten’ te overleven. Hoe een gezin toch weer terug moest omdat het niet lukte om zelf rond te komen. Het lukt de dochter van Tobias, Cato Brakshoofden, wel om met zes (!) kinderen naar Amsterdam te verhuizen. Ze moet het alleen doen, haar man is jong gestorven.

Na drieëndertig jaar in het Derde Gesticht was Cato niet veel luxe gewend, maar de overgang van de verstikkende zekerheid van Veenhuizen naar de vrijheid van de stad was wel erg groot.

Het blijkt erg moeilijk. Cato’s dochter, Helena, klopt later aan bij de bedeling. Haar man wordt als landloper weer opgebracht naar Veenhuizen. Helena’s dochter, Roza, is de oma van de schrijfster. Een nette huisvrouw, maar getrouwd met een alcoholist. Zij krijgen in Amsterdam een huis over het IJ, in een tuindorp. Maar ook zij moesten aankloppen bij de onderstand. Toch, hoe moeilijk ook de omstandigheden, keert langzaam aan het tij. Er kan gestudeerd worden en hoe armelijk het onderkomen ook, er wordt altijd een soort van stand opgehouden. Vooral de vrouwen, dat mag gezegd, tonen hier kracht en karakter. Eigenlijk is dit een boek dat gelezen dient te worden. Het was een voor mij onbekende geschiedenis. Tenslotte vind ik het motto van Orhan Pamuk uit Sneeuw mooi gekozen:

‘We zijn niet dom, alleen maar arm. (…)
   Dat is altijd door elkaar gehaald.’ 

Advertenties
2 reacties
  1. Leuk boekje inderdaad. Ik vond mijn exemplaar een maand of twee geleden bij de kringloop voor maar 2 euro.

  2. Koen de Jager zei:

    Dat is niet te veel, gelukkig is hij veel verkocht. Makkelijk overal te vinden voor luttele euri

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: